Graveyard in Chatillon

Nestled among the pine trees, hidden deep in the Belgian Ardennes, was an imposing historic cemetery with cars from the 50s and 60s of the last century. Over an area of 20 by 120 meters, European and American car wrecks stood neatly next to each other and were probably used for the demolition of parts. Most cars belonged to American soldiers who were stationed nearby. The Americans brought their cars by ship from the United States to Belgium and later left them behind as wrecks.
There were car wrecks of various types such as: Opel-Rekord, Opel-Kapitan, Volkswagen-Beetle, Volkswagen-Transporter, Ford-Taunus, Simca, Renault, Citroen-Traction-Avant, Austin, Mercury, Studebaker, Vauxhall, Chevrolet, Plymouth, Buick and Panhard. The scrap yard was cleared out in 2010.

Autokerkhof Chatillon

Tussen de naaldbomen, diep verscholen in de Belgische Ardennen, lag een imposant historisch autokerkhof met auto’s uit de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw. Over een gebied van 20 bij 120 meter stonden Europese en Amerikaanse autowrakken netjes naast elkaar en zijn waarschijnlijk gebruikt voor de sloop van onderdelen. De meeste auto’s behoorden toe aan Amerikaanse soldaten die in de buurt gelegerd waren. De Amerikanen hebben hun auto’s per schip vanuit de Verenigde staten naar België gebracht en ze later als wrak achtergelaten.
Er lagen autowrakken van diverse types zoals: Opel-Rekord, Opel-Kapitan, Volkswagen-Kever, Volkswagen-Transporter, Ford-Taunus, Simca, Renault, Citroen-Traction-Avant, Austin, Mercury, Studebaker, Vauxhall, Chevrolet, Plymouth, Buick en Panhard. In 2010 is het autokerkhof opgeruimd.